Een idyllisch strand met palmbomen. Kampvuurtje. Vrienden, lachend, met een koude versnapering in de hand. Ergens naast het kampvuur staat een gitaar. De mensen lachen, delen verhalen en dansen op hun zelfgemaakte muziek met blote voeten in het zand.

Waarschijnlijk ben je al bekend met dit beeld. De prachtige beelden uit Hollywood van een goede nacht, een zorgeloze nacht. Even gewoon zijn.

Ik denk vreselijk vaak aan dit beeld en aan vergelijkbare beelden. Er heerst bij mij een ontzettend gemis. Ik neem je mee naar wat scenario’s.

Niet lang geleden zat ik nog in een actief persoonlijk leiderschapstraject. Een traject dat ik als zeer waardevol heb ervaren. In de laatste sessie die ik bijgewoond heb, ging de opdracht specifiek voor mij over een tropisch eiland. Het ging emotioneel heel diep en uiteindelijk kwamen we tot de “kern”. Ik stelde me dit kampvuurtje voor en de aanwezigen waren zo lief om mee te acteren als mensen bij dit specifieke kampvuur. Ik ging erbij zitten en had mijn mensen bereikt. Ik was volledig in tranen om eventjes bij ze te zijn. Vol met emotie, niet wetende wat me overkwam. Ik wilde verbinding. Ik voelde eindelijk weer eens volledig hoe dat zou voelen. Wat moest ik doen om dat vast te houden? Mijn trainer stuurde aan op dat ik meer om hulp en steun mocht vragen om die verbinding te bereiken. Terwijl dit niet onwaar is en met het beste weten en intenties gezegd is, ergerde ik me er tegelijkertijd ook aan. Ergens wist ik wel waarom.

Nog een scenario was een aantal jaar geleden. Ik stond in de discotheek tijdens de standaard studentenstapavond. Ik had ineens de behoefte om na te denken over filosofische vraagstukken. Mensen vroegen me waarom ik niet aan het dansen was. Normaal was ik degene die snel leven in de groep bracht. Ik dacht even na over mijn antwoord. De observatiemodus stond aan om te kijken wat er zou gebeuren en ik nodigde de vragende persoon uit om met mij mee te denken. Helaas werd me verteld dat een feest toch echt een feest was. Geen plek om eventjes te gaan zitten denken. Ik heb gewacht tot de groep weer druk bezig was en een stille exit gemaakt, om vervolgens om 3:00 op de top van een grote klimspin, mijn hoogtevrees vergetend, toch even aan mijn trekken te komen.

Want ik ga graag bij het vuurtje zitten. Ik kan best geluk hebben met aangename mensen om mij heen, die graag rekening met me willen houden. Ik kan ook heel goed plezier met ze hebben en zorgeloos zijn en gewoon goed in mijn gevoel stappen. Even in sync zijn. Voor even. Maar er zit een gevoel in me – het is een rauw, hevig oergevoel – om dan verder te kijken. Existentiële vraagstukken die ik graag wil delen. Multidisciplinaire vraagstukken waar ik graag over wil sparren. Mijn extreme sensitiviteit niet uit hoeven leggen. Groepsdynamiek bespreken die alleen voor de scherpste ogen zichtbaar is in het moment. Voor ik het weet loop ik ertegenaan dat deze wensen niet vervuld kunnen worden en ontaardt de hele situatie in asynchroniteit. Ik voel me ineens een alien tussen de mensen. De warme gezelligheid voelt voor mij direct als een lege farce, die ik niet wil verstoren omdat de rest er nog oprecht in leeft. Al kom ik voor mijn belangen op en spreek ik mijn wensen uit, zal er nog steeds een onoverbrugbare kloof zijn. Ik kies er daarom voor om stilletjes het gevoel te bewaken voor anderen.

Wat een ontzettend gemis. Ik wou dat ik meer synchroon kon leven.

© Tekst & Beeld Marcel Visser | Redactie Alice K. Burridge van Green Writing | Stichting Hoogbegaafd!